Idee en uitgangspunt
Wat wil jij doorgeven in het leven? Die vraag lijkt misschien vooral relevant voor mensen die ouder worden, maar generativiteit – het verlangen om iets voor anderen en voor volgende generaties te betekenen – is niet aan leeftijd gebonden. Denk maar aan bv een jonge ouder die nadenkt over wat hij/zij/x zijn kind wil meegeven, een professional die een jongere collega begeleidt, een vrijwilliger die zich inzet voor anderen of een kunstenaar die iets wil creëren dat blijft bestaan: allemaal kunnen ze op hun manier iets doorgeven.
Generativiteit is een begrip uit de ontwikkelingspsychologie dat geïntroduceerd werd in 1950 door de psycholoog prof. Erik Erikson. Volgens de theorie ontwikkelen mensen na het volwassen worden, zich verder door hun kennis door te geven aan de volgende generatie.
75 jaar later is het begrip nog steeds springlevend. Wetenschappers zagen dat de effecten van generativiteit op het welzijn en gezondheid van mensen positief zijn. Het begrip kreeg doorheen de jaren nog een diepere betekenis. Nalatenschap gebeurt niet alleen in een gezin, maar ook binnen de werkcontext of in culturele tradities. Het wordt bovendien niet langer als lineair beschouwd. Mensen blijven immers niet meer heel hun carrière bij hetzelfde bedrijf, gezinssituaties veranderen en we leven in een cultureel veelzijdige samenleving. Hebben deze maatschappelijke veranderingen een impact op onze nalatenschap?
De centrale vraag
Wat wil ik, zolang ik leef, voor anderen betekenen en in de wereld tot stand brengen? Daarbij kijken we niet alleen naar wat mensen willen doorgeven, maar ook naar wat zij zelf hebben ontvangen, wat ze willen behouden of veranderen, wat ze bewust níét willen doorgeven en wat ze soms zonder het te beseffen aan anderen meegeven. Zo verschuift de focus van nalatenschap naar betekenis: niet alleen wat na ons blijft, maar vooral wat tijdens ons leven door ons toedoen ontstaat.
Interviews met ‘stenen’ als archetypisch symbool
Thema’s
We passen het begrip ‘dividualiteit’, zoals dat in de culturele antropologie is ontwikkeld, aan om ervaringen met generativiteit te delen met de lezers. We kijken niet alleen naar wat we doorgeven, maar ook wat we kregen en hiervan wel of niet doorgeven. We beogen 100 mensen te interviewen die (a) momenteel of tijdens hun leven stenen verlegd hebben in de rivier om iets in de samenleving te doen bewegen, (b) personen die de edelsteen van hun cultuur willen koesteren voor de volgende generatie en (c) mensen die rondlopen met een steentje in de schoen of een heus struikelblok meezeulen en dit dreigen door te geven.
Tijdens de interviews gaan we op zoek wat de oorsprong was om zich te engageren om voor de volgende generatie iets na te laten. We gaan op zoek naar wat mensen drijft en motiveert om wat zij belangrijk vinden na te laten, of wat ze liever niet willen overdragen of voortzetten.
Deelnemers
we interviewen bekende mensen en minder bekende mensen. De wetenschappelijke ‘snowball sampling method’ wordt gehanteerd binnen de eigen kennissenkring om deze deelnemers voor de interviews te contacteren. We zoeken een evenwicht tussen bekende en minder bekende personen, gender, afkomst, leeftijd, … Van de interviews maken we een ‘portret interview’ die het verhaal achter de persoon, de drijfveren,… weerspiegelt.
Voor wie?
Wat geef jij door? is geen boek voor alleen zestigplussers, maar voor iedereen die zich afvraagt wat hij of zij voor anderen wil betekenen en wat hij of zij wil doorgeven of veranderen. Het spreekt jonge volwassenen, ouders, professionals, mensen in de tweede helft van hun loopbaan, grootouders en oudere volwassenen aan. Ook mensen zonder kinderen krijgen een volwaardige plaats. De lezer krijgt door dit boek inzicht op welke verschillende manieren iets wordt doorgegeven. Wat zich onder de oppervlakte bevindt, brengen we naar boven. Daarnaast is het relevant voor professionals die werken rond levensloop, ouder worden, opvoeding, onderwijs, werk, zorg en maatschappelijke participatie. In het boek staan de interviews centraal.